Hallo Stefan,
In principe zou ik me afvragen of het per se verwisselbare objectieven moeten zijn. Zo ja, dan kun je niet om de Mamiya’s heen. In tegenstelling tot de 220 is bij de 330 de sluiteropwinding gekoppeld aan de filmopwinding; bij de 220 moet de sluiter apart worden opgewonden (net als bij de Rolleicords). Daarnaast ontbreekt bij de 220 de parallaxcorrectie en de mogelijkheid om de zoeker te verwisselen. Ik vind die laatste twee criteria zeker niet onbelangrijk – ik gebruik zelf bijvoorbeeld graag een loepzoeker. De lenzen passen allemaal op de 330 en de 220, daar zijn geen beperkingen. Het gewichtsverschil is niet al te groot – ik denk ongeveer 300 g, dat maakt niet veel uit. De Mamiya's zijn over het algemeen zeer solide en hoogwaardige camera's met geweldige lenzen.
De Rollei's zijn aanzienlijk kleiner, compacter en handzamer dan de Mamiya's. Die laatste voelen zich bij mij erg op hun gemak op het statief, de Rollei is daarentegen ook uitstekend uit de hand te gebruiken. Sluitertijden tot 1/15 zijn goed mogelijk als de camera op buikhoogte bungelt en de gebruiker een vaste hand heeft.
De Rolleicord is iets eenvoudiger opgebouwd dan de 'Flex', maar daarom niet minder waardevol! Over het algemeen worden vooral de latere modellen als gebruiksvriendelijk beschouwd (vanaf de IV-serie is het reflectiegedrag in de behuizing waarschijnlijk verbeterd), maar vooral de Vb, omdat dit de enige Rolleicord is die via de verwisselbare lichtschacht over een helder matscherm beschikt (oudere modellen kunnen echter achteraf worden uitgerust met een helder scherm). De allereerste Cords hebben nog de Triotar ingebouwd, een drielens. De Triotar wordt vaak geprezen om zijn "luchtige" prestaties bij open diafragma; bij diafragmeren zou hij ook behoorlijke scherpte hebben. De latere modellen hebben de Schneider Xenar, een Tessar-type, ingebouwd.
Van de Rolleiflex-modellen hebben de F, E2 en E3 een verwisselbare lichtschacht met het heldere zoekerbeeldscherm; vooral de 2,8F is behoorlijk gewild. Goedkoper zijn vooral de oudere Rolleiflex-modellen met de Tessar. De Zeiss- en Schneider-vijf- en (later) zes-elementen zijn over het algemeen duurder. De Zeiss Planar is waarschijnlijk iets populairder dan de Schneider Xenotar – of er echt meetbare verschillen zijn, kan ik niet zeggen. Zowel de Planar als de Xenotar werden in alle Rolleiflexen vanaf het model "C" ingebouwd, en wel telkens als 2,8 en 3,5 (waarbij de 2,8's zonder uitzondering duurder zijn). Als "middenklasse-model" was er ook nog de "Rolleiflex T" met de Zeiss Tessar of ook de Xenar.
De belichtingsmeters hebben, indien aanwezig, een selencel en werken vaak niet meer; selencellen gaan op een gegeven moment "kapot".
Als gebruiker zou ik ervoor zorgen dat ik een helder matscherm krijg. Zoals gezegd hoef je niet per se een modernere versie met verwisselbare vouwlichtschacht te nemen; de oude camera's met dompellichtschacht kunnen ook worden omgebouwd. Bijzonder voordelig van de Flexen is de "T", die is op eBay soms te vinden voor minder dan 200 euro, en de Tessar is onberispelijk. Een oudere "C", "D" of "E" met een 3,5 Planar/Xenotar gaat meestal voor meer dan 200 euro van de hand. Een "A" of "B" met Tessar zou voor minder dan 200 euro te krijgen moeten zijn. De prijzen schommelen echter sterk, afhankelijk van het seizoen, de stand van de maan en de staat van de camera's. Camera's zonder krasjes en met originele dozen klimmen soms naar ongekende prijsniveaus, dan zijn het de vitrineverzamelaars die meebieden.
Deze link kan helpen bij het bepalen van de serienummers van de Rolleiflexen:
http://home.worldonline.dk/rongsted/Rolleisn.htm
Misschien is de Yashica Mat 124 ook iets voor jou, de Yashinon is een heel degelijk Tessar-type. Naar mijn mening worden de camera's echter overschat, omdat ze op forums vaak worden aangeprezen als instapcamera, en qua gevoel zit er een wereld van verschil tussen de Rollei en de Yashica. Een goedkoper alternatief zou de Flexaret met de 3,5 Belar (ook een Tessar) zijn.
Groeten,
Andreas