Hallo Mehmet,
Je zou ook kunnen zeggen dat het zonesysteem een fotolaboratorium voor boekhouders is ;-).
Dus ik ontwikkel met mijn gebruikelijke tijden, waar ik tevreden over was bij 400 ISO, en kijk dan wel eens wat er zoal uitkomt bij de 320- en 200-films?
Precies. In ieder geval voor de 320. Daarmee krijg je in het ergste geval goed afdrukbare negatieven met overbelichte lichten (als de lucht geen textuur heeft, zijn er nog 1000 en nog een reden). Als de 320 goed uitpakt, zou ik de 200 op dezelfde manier behandelen.
Is dat gedoe over de "werkelijke gevoeligheid" van de films in de praktijk dan onzin?
Nee, en nee.
1. Voor de Zonis: de meesten willen namelijk al in Zone I, dus 4 stops onder middengrijs, een negatiefdichtheid van 0,15 (+basis & nevel) hebben, wat zich in de praktijk ook zeker heeft bewezen; de industrie beoordeelt meestal op iets andere criteria, meestal op 0,1.
2. Voor alle anderen is gebleken dat de vuistregel "belicht op de schaduwen, ontwikkel op de hoge lichten" in de praktijk niet zo eenvoudig te realiseren is, althans met automatische belichting (hoe ging dat ook alweer, diepe schaduwen in het meetveld, AE-Lock indrukken en dan 3 of 4 stops tegenin onderbelichten?!?!?!?!?), praktischer is dus 1/2 (dat zou 320 zijn) tot 1 (200) stop speelruimte in de schaduwen inbouwen en zorgeloos gaan fotograferen. Zolang je een normaal motiefcontrast hebt tussen 1:30 (5 stops) en 1:100 (7 stops), is er geen enkel probleem.
De meeste ontwikkelingsgegevens zijn namelijk al afgestemd op een redelijke gradatie. Of de totale dichtheid daarbij iets hoger of lager ligt, maakt in de praktijk geen verschil.
Let wel, zolang je je negatieven goed kunt afdrukken, is de ontwikkeling oké. Je hoeft alleen te verkorten als je constant op papier tussen 00-1 zit te ploeteren en er toch nog geen mooie grijstinten uitkomen.
Als online alternatief voor het negatief en in beknopte vorm zou ik het volgende aanraden:
http://www.schwarzweiss-magazin.de/swmag_frame_kurse.htm
, en wel voor degenen die het heel haastig hebben, uit deel 3 de cursussen 3, 4 en 5.
Die zijn voor 35mm-fotografen realistischer dan deel 2.
Een kleine uitweiding vanuit creatief oogpunt: het heeft me persoonlijk enorm verbaasd hoe kieskeurig ik werd wat betreft contrast, toen ik zelf begon met afdrukken. Die "prachtige foto's van de oude binnenstad" bij stralende zon (dat is toch prima licht om te fotograferen) maak ik al helemaal niet meer, omdat geen enkele film (niet zwart-wit, niet kleur en ook niet digitaal) de deur van het stadhuis in de schaduw goed kan vastleggen, als het hoofdmotief ervoor in de zon ook nog herkenbaar moet zijn (ja, ik weet wel, belichtingsreeks en Photoshop).
Dan wacht ik liever tot de "Hamburger Softbox" (wolk voor de zon) er is, verbazingwekkend wat er dan ineens allemaal mogelijk is.
Groeten
Martin