Hallo Stefan, rustig aan!! Er wordt veel geschreven; je kunt er veel van leren, maar je kunt je er ook helemaal gek door laten maken.
Er zijn fotografen die erop zweren dat ze hun werkwijze tot op een half diafragma nauwkeurig moeten testen. Dat stelt natuurlijk
voorlopig gerust, omdat je dan een zeker gevoel krijgt in het omgaan met de apparatuur en je heel wat leert over het gebruik van
fotografisch materiaal. Ik deed dat vroeger ook, maar op de een of andere manier ben ik de zin kwijtgeraakt om me voortdurend het hoofd te breken over 'perfecte'
negatieven en de optimale belichtingstijd. Ik ga liever fotograferen en een goede
foto wordt door bijna niets verpest. Maar ieder zijn eigen stijl...
Terug naar je vraag:
Als beginner is het aan te raden, zoals ik
hier al uitgebreid heb beschreven, om je eerst vertrouwd te maken met een 'beginnersvriendelijke'
combinatie van film-filmontwikkelaar-papier-papierontwikkelaar. Hoe minder factoren er in het proces veranderen,
hoe sneller je de respectievelijke eigenaardigheden leert kennen.
Welke gamma? De gammawaarde van een negatief kan me helemaal niets schelen! Die dient slechts als hulpmiddel en is en blijft
'slechts' een meetgrootheid die weinig zegt over de uiteindelijke foto. De gamma van een high-key of
low-key negatief levert een volledig mislukte opname op wat betreft het contrastbereik. Toch kan er een
prachtige opname bij zitten.
Wat voor jou op dit moment het belangrijkste is. Ontwikkel je negatieven eerst volgens de voorschriften, blijf bij één film plus
de ontwikkelaar en probeer de negatieven eerst uit met je papier. Hebben ze te veel contrast, verkort dan de
ontwikkelingstijd de volgende keer met 20 procent. Zijn de afdrukken te flauw, verleng de tijd dan met 10%. Zo krijg je snel
gevoel voor je film, het ontwikkelingsproces en het omgaan met fotopapier. Het doel is om binnen het bereik
van gradatie 2 tot 3 te blijven. Doel, geen wet!!
Onthoud daarbij dat het makkelijker is om het contrast te verhogen dan de afdruk van een te hard negatief zachter te krijgen.
Bij twijfel dus liever 10% korter ontwikkelen! Het enige wat telt is de afdruk op je papier, al het andere zijn
slechts tussenstappen.
Ook ik werk met beide soorten, gemengd licht en condensor. Beide hebben hun voor- en nadelen, zoals altijd in het leven.
De condensor produceert van hetzelfde negatief een iets hardere afdruk, de diffuser een iets zachtere. Als je met
beide systemen wilt werken, zou ik de negatieven wat betreft de ontwikkeling afstemmen op de condensor.
Ik hoop dat ik je een beetje verder heb kunnen helpen...
Dirk